‘Ice Ice Baby…’
Terug

‘Ice Ice Baby…’

maandag, 23 mei 2016
‘Ice Ice Baby…’

Wie kan zich dit succesvolle raplied uit de jaren negentig nog herinneren? Geen idee, wie met die tekst eigenlijk bedoeld werd!? Het liedje was vast niet geschreven voor een pasgeboren ringelrob! Dat zou wel passend geweest zijn, ook al noemen we borelingen onder dieren in Burgers’ Zoo geen baby’s, maar veulens, kalveren, of gewoon jongen… Ringelrobjes worden doorgaans in de winterse kou in ijsholen geboren en hebben een betoverend uiterlijk met hun lichte, pluizige vacht en enorm grote donkere ogen. Momenteel is weer zo’n pup (dat is de correcte naam voor een jonge zeehond) te bewonderen in Burgers’ Zoo. 

Bijzondere geboorte

Half februari is de  ringelrob-pup geboren. Het is nu al de derde geboorte in ons park en dat is best wel bijzonder. Ringelrobben zijn namelijk een weinig getoonde soort in dierentuinen. Voor zover bekend, is het eerste jong in de Europese dierentuingeschiedenis in februari 2012 geboren, hier in Burgers’ Zoo. Helaas dronk dat jong niet goed en overleefde het de kritische eerste dagen niet. In 2013 lukte het wel met het grootbrengen van een pup en hiermee hadden we een bijzondere primeur! Het toen geboren dier is inmiddels volwassen en verhuisd naar een Frans dierenpark. En nu in 2016 dus opnieuw een kleintje!

Draagtijd met pauze

Ringelrobben kennen een bijzondere voortplantingsbiologie. Deze kleine zeehondensoort paart in het water. Paring en bevruchting van een eicel vinden bij ringelrobben meestal plaats binnen één maand nadat een vrouwtje is bevallen. Na de eerste paar celdelingen wordt bij de ontwikkeling van het embryo eerst een pauze van zo’n dikke drie maanden ingelast. Pas daarna ontwikkelt het embryo zich verder en na nog eens acht maanden draagtijd wordt een ongeveer vier kilo zwaar jong geboren. Dit fenomeen van ‘verlengde draagtijd’ zien we bij een aantal zeeleeuwen en zeehonden en ook bij een aantal berensoorten. Evolutionair gezien zijn deze diergroepen ook het nauwst verwant aan elkaar binnen de roofdieren, dus blijkbaar is dit een ‘oud kenmerk’.

Lanugo-vachtje

Jonge ringelrobben komen ter wereld met een gelig-lichtbruine vacht, de lanugo. De vacht van de pasgeborene helpt prima tegen ijskoude lucht. De lange haren houden namelijk een isolerend luchtkussen tussen de haren vast. In water daarentegen worden de lange, dunne haren plat aan het lichaam gedrukt, daarom isoleert deze vacht niet zo goed tegen koud water. Ringelrobben worden dan ook niet in het water geboren, maar in een ijshol aan land. Over het algemeen is het ijshol door de moeder zo aangelegd dat het alleen een ingang onder water heeft. Dat is veiliger met betrekking tot hun grootste natuurlijke vijand, de ijsbeer. Het kleintje verblijft zijn eerste levensweken bijna altijd in zijn hol. 

Moeder komt af en toe

Moeder komt af en toe

Bij veel zeehondachtigen blijft de moeder gedurende de gehele zoogperiode bij het jong en eet in die tijd niets. Bij ringelrobben is dat echter niet het geval. Studies in het wild duiden erop dat de moeder bij deze soort minder dan één vijfde van de tijd bij haar jong is. Drie keer per etmaal zoekt ze haar jong op om te zogen. Dankzij de vette moedermelk – vetter dan slagroom – komt het jong snel aan. Met zes weken wordt het jong al gespeend. Dan weegt het al tussen 12 en 22 kilo. Met het spenen houdt ook de verzorging door de moeder op.

Kan een pasgeboren ringelrob zwemmen?

Ringelrobben kunnen na de geboorte snel zwemmen. Dat bewees ook ons jong dat al na minder dan een week in het bassin te vinden was! Maar omdat zo’n jong nog nauwelijks een isolerende speklaag heeft opgebouwd, blijft het niet lang in het water. Zeker niet in de natuur, in de arctische wateren! De pasgeborenen van sommige andere soorten pelsrobben blijven daarentegen aan land totdat ze verhaard zijn. Dit verharen gebeurt bij ringelrobben normaliter met zes tot acht weken. Wie dus het jong van dit jaar nog in zijn lanugo-vacht wil zien, zal snel moeten zijn! 

Reacties


Meer nieuws


Een ruimteprobleem van formaat

Een ruimteprobleem van formaat

woensdag, 29 november 2017

De lokale bevolking heeft steeds vaker te maken met gevaarlijke confrontaties met het grootste levende landzoogdier. Tegelijkertijd gaat die bevolkingsgroei gepaard met verstedelijking ten koste van leefgebieden die voor olifanten onmisbaar zijn: met recht een ruimteprobleem van formaat.

Lees meer

We gebruiken cookies voor een optimale beleving van deze site.

Akkoord Privacy Statement